10-07-09 -
De uitslag van de pas verreden 24 Heures Du Mans is bekend. Peugeot won na 16 jaar weer eens, abonnementwinnaar Audi had het nakijken. En de stemming in de pitbox bij Aston Martin was bijna emotioneel. Wilt u weten waar dát vandaan kwam?
Vast wel eens gehoord van die ‘Dwaze Honden en hun Gekke Engelsen’? Wel, precies vijftig jaar geleden reden ze in konvooi van Dover via Calais naar Le Mans. Ze zouden ‘de 24 Uren van Le Mans van 1959 wel even gaan winnen’. Stel je dus even voor, een petieterig klein, Brits sportwagenmerk dat de grote Franse, Italiaanse en Duitse merken wel even een poepie zou laten ruiken!
Carroll ShelbyHet is ze dus gelukt, en hoe. Roy Salvadory/Carroll Shelby en hun
Aston Martin DBR1 kwamen onder leiding van teambaas John Weyer na een gruwelijke race van 24 uur, als eerste over de finish op het wereldberoemde circuit van La Sarthe nabij Le Mans in de bekendste en nog altijd meest tot de verbeelding sprekende autorace die onze aarde kent. Deze ongekende prestatie was hun eerste en hun laatste keer, want al behaalde het dappere Britse merkje uit Newport Pagnell, in de jaren daarna nog wat klasse overwinningen en wat plaatsen vooraan in het algemeen klassement (well done lads!!), maar tot een herhaling van 1959 is het nooit meer gekomen…
Gezonde nachtrustOok wij zijn gek, met of zonder hond en gelukkig maar. Gehuld in een T-shirtje met het opschrift 59 (en u weet nu wel waarom) stappen we in Hilversum in de auto. Bijna avond en we gaan na een dag hard werken ‘nog even’ naar Le Mans. Volgens de navigatie 624 kilometer en met ons tijdstip van vertrek (19.15 uur) zullen we daar om 03.04 aankomen. Dat zint me niet want ik houd van een gezonde nachtrust en dat moet toch wel sneller kunnen? Ik wil uiterlijk om 2 uur in m’n bed liggen, maar gelukkig is ons ‘rijpaard’ een nagenoeg nieuwe
Aston Martin DBS. Een druk op de glazen startknop/contactsleutel (of is ‘ie tóch van kristal?) en de V12 ontploft met het dierlijke geluid van vier zware motorfietsen aan de startstreep op de TT in Assen, de rechterhand drukt de versnellingspook in de 1e van de zes. Met twee man op de leder/alcantara stoeltjes geven we de auto bij
Aston Martin Kroymans in Hilversum meteen fiks de sporen. Onder begeleiding van veel begerig uitlaatgebrul dat ‘onze’ DBS op afroep presteert, racen we gehaast de straat uit: kan Le Mans nooit ver meer zijn…
Buitenaardse reuzenkrachtIn Noord Frankrijk moet de tank even vol. De energieke twaalfcilinder lust een stevige slok maar dat is ook geen wonder met dat vermogen van 517 pk bij 6500 tpm en een koppel van 570 Nm bij 5750 tpm. De kernachtig klinkende V12 heeft een lief karakter zolang je ‘m maar niet uitdaagt want dan krijgt de bijna 1700 kg wegende tweezitter ballistische eigenschappen. Je kunt de 6,0 liter Aston motor ook heel subtiel laten bewegen, ja je kunt er zacht suizend mee door een winkelstraat of in het drukke Parijse verkeer bewegen. De geluiden die uit de twee ovale uitlaten komen klinken hoe dan ook hemels. Het timbre verandert razendsnel met de bewegingen van je gavoet. Zo bezien gedraagt de
Aston Martin zich als een muzikaal orgel. Een orgel met buitenaardse reuzenkracht, dát wel. Want pas op, als ik me weer eens opwind, bijvoorbeeld na het afrekenen van de zoveelste ‘payage’ (tikt lekker aan!) dan wil ik wel eens even het gaspedaal vloeren. Angstaanjagend mooi, donderend geweld weerklinkt uit de uitlaten. En het wordt bijna nóg mooier als je weer van het gas afgaat. Een holistische brul is je dank. En de kassaruitjes van de payage rinkelen nog lang na!
Glas wijn
Parijs ruim voorbij en we hebben andermaal benzine nodig. Twintig liter op 100 km is met deze snelheden niet abnormaal. We gooien nog een kooltje op het vuur en de zilver-paars gekleurde Brit schiet als een kanonskogel door de donkere nacht. Nog 170 km over de A11 en een stukje D1, en we zijn bij onze Bed&Breakfast, vlakbij Le Mans. We doen daar iets meer dan een uur over! Het is stikdonkere nacht, geen (spreekwoordelijke) hond op de weg en het bed lonkt. Of nog liever: een glas wijn. Om kwart over één in de nacht, knisperen we de oprijlaan op, verbaasd dat we er nog zo snel zijn. Uitgerust ondanks de stevige rit en de adrenaline gonzend in de hersenen.
De B&B blijkt een elegant chateau, bewoond door de Graaf en Gravin Guy en Marnie de Vanssay. Het Chateau de la Barre is al sinds 1404 in handen van zijn familie en ligt omringd door een park van 100 hectare aan de rand van de uitgestrekte Loire vallei, dus je weet het wel!
Terwijl de formidabele 6,0 liter V12 op het chique chateau-grind nog wat staat na te tikken, heffen wij het glas op het eerste deel van de trip. Vive Le Mans!
Honderdduizenden BrittenGraaf De Vanssay stelt zich ’s morgens voor met zijn voornaam. Met de simpele woorden: ‘ik woon hier’ maakt hij meteen de verhoudingen duidelijk. Uiteraard is het ons hogere doel om straks van de race te gaan genieten maar de omgeving van Le Mans is op zich ook al de moeite waard. We hebben de hele vrijdag tijd om die te verkennen. Liefelijke, ongeschonden heuvels, dromerige dorpjes met geurige lokale winkeltjes en nostalgische pleintjes om jeu de boule te spelen en hier en daar een verborgen restaurantje waar een onverwacht uitstekend maal op tafel wordt gezet. Tegen een redelijke prijs en dat is voor een tijdelijke
Aston Martin rijder natuurlijk belangrijk nieuws. De race start pas morgen om 15.00 uur. Tegen de tradities in (het was eigenlijk ‘eeuwenlang’ van 16.00 tot 16.00 uur) maar de nieuwe start- en finishtijd is ingesteld om al die honderdduizenden Britten de kans te geven tijdig de boot te halen en de ontelbare Denen een uurtje extra rijtijd te verschaffen. Want sinds de Deen Kristensen de race zeven keer won komen ze elk jaar met horden naar Le Mans, en die moeten óók weer terug naar huis.
Gulf stickersDe bescheiden Graaf is autoliefhebber, dat is duidelijk. Wij zijn met ‘onze’ Aston niet de enigen van zijn gasten die uitgenodigd door Kroymans Hilversum per Britse Bolide de reis naar zijn Chateau hebben ondernomen. Maar we zijn tussen de V8 Vantage modellen en de DB9ens wél de enigen die met een DBS rijden en hij vraagt me de oren van de kop. Eigenlijk wil hij wel een snel rondje meerijden. Dat is geen slecht idee, hij kent immers de omgeving als zijn grafelijke broekzak terwijl ik moeilijk doe met een wegenkaart en een navigatiesysteem. We besluiten om na het riante ontbijt dat hij en zijn charmante echtgenote zelf serveren, een bezoekje te brengen aan het dorpje La Chartres-sur-la-Loir waar de roemruchte team manager John Weyer zijn Aston Martinploeg traditioneel onderbracht. We zijn trouwens niet de enigen die op dat idee kwamen. Het vaste AM onderkomen, een charmant Hotel de France, is al geheel bevolkt door horden nostalgische
Aston Martin rijders. De complete Britse club heeft bezit genomen van het centrum en de aanpalende terrasjes, en langs de stoepranden staan zo ongeveer alle typen en jaargangen
Aston Martin die de reis vanuit Groot Brittannië onder eigen stoom hebben ondernomen. De bevolking geniet net zohard mee en ik weet even niet waar ik kijken moet, zóveel moois in zo’n klein plaatsje. Er staan enkele unieke exemplaren bij.
Iemand van het Kroymans gezelschap heeft Gulf stickers weten te bemachtigen en als joelende kinderen storten we ons op de taak om er één op de motorkap van onze Astons te plakken! De DBS wendt daarna de steven richting lunchplek en die is gelukkig nog een half uurtje rijden, dus we kunnen weer even ruig op het gas. De 12 cilinder DBS valt op door zijn uiterst gemakkelijke rijstijl. zolang je rustig aan doet natuurlijk! Hij heeft een heerlijk romig motorkoppel dat dag en nacht op de loer ligt om loeibrullend en asfaltvergruizend toe te slaan. Als je eens serieus het rechterpedaal diep in het tapijt trapt neemt de snelheid zo onvoorstelbaar hard toe dat de auto eerder met sprongen lijkt te accelereren dan gewoon over het asfalt te rollen. Hij krabt als het ware de toplaag van het plaveisel terwijl de rechtsom draaiende snelheidsmeter en de linksom draaiende toerenteller elkaar sneller dan het licht, lijken tegen te komen. Arriveer je vervolgens in de bebouwde kom dan blijkt hoe heerlijk simpel en licht de koppeling werkt en hoe snel en gemakkelijk de iets te hoog op de brede console geplaatste pook, door de zes versnellingen klieft.
Aston Martin DBS, geschikt voor circuit en PC Hooft!
KnuffelbeestMaar ook de besturing is een genot want hij voelt lekker zwaar, je hebt dus echt een auto in je handen, het lijkt haast of je met beide handen aan de stuurkogels zit. De krachtige Britse sportwagen laat zich met schijnbaar groot gemak met het stuur en op ‘t gas door de lekkerste en de gemeenste bochten jagen die de omgeving van Le Mans in voorraad heeft. Daarbij geeft het mooie onderstel via je zitvlak z’n directe plannen tot in detail door.
Aston Martin DBS rijden is heer en meester zijn over elke wegsituatie. Verlies evenwel nooit je respect voor de vele pk’s en het heftige koppel dat door deze zes liter V12 teweeg wordt gebracht. Want ook een schijnbaar knuffelbeest als de DBS kan in een oogwenk een vergruizend projectiel worden waarmee je weliswaar op een geheel andere manier, ook vreselijk veel lol kunt beleven.
LifestyleGuy graaf de Vanssay weet een puik maar simpel lunchadres langs de D63. Daarna nog twee keer afslaan en ergens schuin rechts aanhouden en je komt bij Hermetière uit waar het echtpaar Podevin een eenvoudig doch voedzaam maal bereidt. Het smaakt geweldig en je zit er geweldig. Zomaar, langs de weg met de velden aan de ene kant en het restaurant aan de andere. Het leven kan zo mooi zijn. Bijna net zo mooi als deze vergeten streek.
Nou wilt u nog weten waarom er bijna tranen vloeiden bij Aston Martin? Nou gewoon, hun auto’s reden een geweldige race, de Lola
Aston Martin startnummer 007 met Charouz/Enge/Mücke werd vierde, shit man: vlak achter de
Audi van Kristensen! We hebben dus nog heel lang champagne gedronken en taart gegeten. Kijk dat bedoel ik nou. Lifestyle Aston Martin!