04-08-08 -
Kredietcrises? Eco-hype? De brute Shelby GT500 Super Snake trekt zich er niets van aan. CARROS reed in Engeland met het eerste exemplaar op Europese bodem.
Na een felle, trommelvliestergende oerknal bij de start gaat het geluid van de 600 pk V8 over in een laagfrequente rolling thunder, die argeloze omstanders bijna dekking doet zoeken vanwege de dreiging van enorme geweldsexplosies. Is de engine rumble bij ‘stationair’ al net zo bruut en aanwezig als het uiterlijk van de auto zelf, bij snelle gasstoten verandert het geluid zelfs in een intimiderende brul, zodanig fel dat je je er bijna voor schaamt. Dit is duidelijk geen auto voor nette jongens. No more Mr. Nice Guy. Enorme scoops en air ducts, uitgeklopte wielkasten, spoilers, aluminium sluitpinnen op de motorkap, fel glimmende 20-inch spaakwielen en een zwarte Indy-striping voegen onmiskenbaar iets toe aan deze imposante verschijning.
DE SHELBY GEEFT VOORTDUREND TE KENNEN DAT ER ONTEMBARE KRACHTEN IN SCHUILGAAN
Ontembare krachten
Grommend en grauwend lijkt de Shelby naar het overige verkeer uit te halen, maar de linksgestuurde Amerikaan is duidelijk niet helemaal thuis in deze omgeving. De voelbaar ongebreidelde V8-power van 605 pk – 5 pk meer dan de Dodge Viper, die zijn kracht uit een 8,4 liter V10 haalt – kan in het drukke Engelse verkeer rond het historische Brooklands-circuit geen kant uit. Voelbaar ja, want de Shelby geeft zowel inzittenden als omstanders voortdurend te kennen dat er ontembare krachten in hem schuilgaan. Zelfs bij lage toerentallen en een snelheid van 50, 60 kilometer per uur is een ingehouden, bijna dreigende dreun waarneembaar, als de voorbode van een aardbeving.
Paradox
Dan ineens krijgen we de ruimte, een kans die we met beide handen aangrijpen. Gas in, en met een angstaanjagende, scherpe schreeuw schiet de Shelby onder je achterste vandaan, zo lijkt het. Wát een heerlijkheid. Zolang het maar rechtuit gaat en je niet hoeft te stoppen. Want dan komt de ware, Amerikaanse aard van de Shelby boven: de ondanks merkbare pogingen tot verbetering nog steeds te indirecte besturing en niet al te krachtig aanvoelende remmen. In fel genomen bochten ligt de uitbreekgrens behoorlijk dichtbij (Veiligheidselektronica? Forget it! en vooral bij het (uit-)accelereren dien je rekening te houden een turbo-lag. Positief uitgelegd brengt deze Super Snake je weer een stuk terug naar het pure autorijden, maar is het tevens een rijdende paradox: enerzijds geschikt voor drag- en ovalracing, anderzijds juist vanwege de prettig afgestelde vering – mits in comfortmodus – geschikt voor toertochten. Iets daar tussenin is vrijwel onmogelijk.
VEILIGHEIDSELEKTRONICA? FORGET IT! DE SUPER SNAKE BRENGT JE TERUG NAAR HET PURE AUTORIJDEN
Cobra der Cobra’s
Het hele concept van de GT500 Super Snake, is niet zomaar ontstaan, al hangt de geschiedenis van tegenstrijdige uitspraken aan elkaar. De naam ‘Super Snake’ werd al eerder door Carroll Shelby aan een auto gegeven: een AC Cobra uit 1965, die door Shelby van de productielijn werd gehaald en werd opgevoerd tot een ‘Cobra to end all Cobras’ met bijna 800 pk en verschroeiend koppel van 626 Nm bij 2.800 tpm. Er wordt ook beweerd dat de echte Super Snake een (ook nog steeds bestaande) Mustang GT500 uit 1967 is, waarmee Carroll Shelby banden testte voor Goodyear.
Pony car
We laten even in het midden wat nou de waarheid is. De Super Snake is hoe dan ook een topversie, of hij nu afgeleid was van de Cobra of van de GT500.Belangrijker is de vraag of de Super Snake nog wel aan de basisvoorwaarden van een pony car voldoet, zoals de oorspronkelijke en ook de huidige Mustang bedoeld zijn: betaalbaar, sportief, voorzien van veel opties en marketingtechnisch gericht op jonge mensen. Het antwoord is ‘nee’. Sportief is hij zeker, voorzien van veel opties ook, maar zeker niet betaalbaar.
DIT IS DUIDELIJK GEEN AUTO VOOR NETTE JONGENS. NO MORE MR. NICE GUY
De doelgroep voorbij
In Engelse ponden kost een ‘standaard’ Mustang Premium V8 25.000, een Bullitt-editie 28.500, een Shelby GT500 Coupé 45.000 en een Shelby Super Snake Coupé 65.000. De convertible kost evenveel als de 725 pk-coupé: liefst 70.000 pond. Reken dat om naar euro’s en je zit al op circa 87.500, waar de belastingen nog niet zijn ingecalculeerd. Grof gerekend ben je dus pas klaar voor een bedrag rond de 100-110.000 euro. Dat wordt ook voor een jonge doelgroep wat moeilijk, maar dat punt waren we allang voorbij.